De pols

Het nemen van de pols is een subjectieve aangelegenheid. Bij het bepalen van de pols moet de therapeut/student kennis hebben van Qi, Bloed en de Zang Fu organen. Qi en Bloed vullen de pols. Qi is meer Yang en zorgt voor de beweging, de kracht van de pols. Bloed is meer Yin en vormt de substantie welke de pols vult.

Relatie tussen de Zang Fu en de pols:

  • Het Hart beheerst het Bloed en controleert de bloedvaten

  • De Long controleert de bloedvaten  en beheerst het Qi

  • De Milt en Maag maken Qi en  Bloed door zijn transporterende en transformerende werking

  • De Lever slaat het Bloed op en geeft het vrij en zorgt voor de vrije circulatie van Qi

  • De Nieren slaan het Jing op en vormt zo de basis voor al het Yin en Yang in het lichaam. Jing kan omgezet worden in Bloed.

De pols helpt de therapeut:

  • bij het begrijpen van de ziekte en het ontstaan van de ziekte

  • bij het vaststellen van een prognose van de ziekte

De eerste positie staat voor de Bovente Warmer, de tweede voor de Middelste Warmer, en de derde positie staat voor de Onderste Warmer:

  • Linker pols (Bloedpols)

  1. Cun positie/pols spleet: Hart (Bovenste Warmer)

  2. Guan positie/ter hoogte van  processus styloïdeus: Lever en Galblaas (Middelste Warmer)

  3. Chi positie/proximaal van de Guan positie:Nier Yin (Onderste Warmer)

  • Rechterpols (Qi pols)

  1. Cun positie: Long  (Bovenste Warmer)

  2. Guan positie: Milt en Maag (Middelste Warmer)

  3. Chi positie:Nier Yang en Blaas (Onderste Warmer)

De organen die horen bij de derde positie worden betwist in de verschillende werken over de Chinese Geneeskunde.

Bij het nemen van de pols kennen we drie levels (dieptes):

  • oppervlakkige level, geeft de staat aan van Qi en Yang

  • midden positie/level, geeft de staat aan van het Bloed

  • diepe positie/level, geeft de staat aan van het Yin

Andere bronnen beschrijven:

  • oppervlakkige level geeft de staat aan van het externe of Bovenste Warmer

  • midden positie/level geeft Maag en Milt disbalans aan

  • diepe positie/level geeft interne ziektes aan met name Lever en Nier

De pols geeft  informatie over de Yin- en Yang-organen. Het is moeilijker om de Yang-organen op individuele posities te beoordelen. Bij polsdiagnose zijn de belangrijkste dingen om te beoordelen:

  • gezondheid van de Qi in het algemeen

  • relatie van Yin en Yang in de pols

  • of er een teveel of een tekort is

  • of er een externe ziekteverwekker (EPF) aanwezig is

Elke polspositie kan verschillende verschijnselen in verschillende situaties weerspiegelen. Bijvoorbeeld: een volle Long pols kan optreden als gevolg van:

  • een emotioneel probleem (verdriet) in de Longen

  • door slijm in de Longen

  • door een exces in de Dikke Darm, zoals een tandabces.

Oefening polsen
 

Deel II pols

 
 

De uitdaging van polsdiagnose.

Ik ging kruiden studeren en dacht dat we alle polsen weer gingen herhalen. Ik was verbaasd dat we slechts de basisprincipes beoefenden. Een algemene indruk van de pols was genoeg. Ik was verbaasd maar vond het ook erg prettig en veel begrijpelijker om met deze basispolsen te werken. En ik kon er veel meer mee. Daarom voor jullie een methode om het polsen te leren. de methode bestaat uit 3 stappen en we beginnen met stap 1: de vier basisprincipes.

Er zijn andere indelingen. Dit komt doordat  de meervoudige polsen bij diverse categorieën ondergebracht kunnen worden.

Stap 1:de vier basisprincipes

Conclusies trekken op basis van wat je voelt met de pols kan erg lastig zijn. Laat je een andere therapeut dezelfde pols voelen dan voelt hij waarschijnlijk andere dingen dan jij.  Er ontstaat verwarring en je denkt wellicht dat pols voelen niet aan jou besteed is. Het diagnosticeren via de pols is echter een belangrijk item in de diagnose en het zou jammer zijn als je deze manier van diagnosticeren aan je voorbij zou laten gaan. Het nemen van de pols is vaak een kans om fysiek contact te maken met onze patiënten, en uit de pols  kan vaak een ander inzicht ontstaan in de toestand van de patiënt. Samen met de tong vormt de pols een mooi medium om te ‘kijken’ of het overeenkomt met je andere diagnose methoden .

 

Persoonlijke interpretaties van de pols kunnen een grote klinische waarde hebben. Je vraagt je misschien af : Waarom alle namen leren van de pols? Ik kan toch de pols voelen en intuïtief mijn conclusies trekken?

Afgaan op je intuïtie kan goed voelen maar mis je dan niet een hele mooie tool om te diagnosticeren? En als je wilt overleggen met je collega’s?

Wellicht kan het gebruiken van het driestappen systeem jou op weg helpen meer vertrouwen in de pols te krijgen.

Het leren van de pols gaat makkelijker als je de namen en de bijbehorende kenmerken van de pols herkent. Doe je dit niet dan kan dat leiden tot onzekerheid bij het polsen .

 

We zijn veel meer geoefend in het kijken dan het voelen. Door echter te oefenen in het voelen kunnen we het pols voelen ons goed eigen maken.

Als beoefenaars van de Chinese geneeskunde hebben we de beschikking over de 29  polsen waarover in grote mate overeenstemming heerst (overeenstemming tussen de verschillende opleidingen). Het bestuderen van deze 29 polsen geeft meer inzicht in het nemen van de pols. Ze leggen de basisparameters van snelheid, regelmaat, diepte, kracht en kwaliteit vast.

 

De 29 polsen geven veel voorkomende polsbeelden weer die we in de praktijk kunnen tegenkomen. Soms zullen we iets voelen wat niet onder te brengen is onder de 29 polsen maar dan geven de 29 polsen ons een kader waarin we de gevoelde pols kunnen plaatsen.

 

De 29 polsen geven ons op zichzelf staande polsbeelden, maar zijn ook een soort  bouwstenen voor complexere polsbeelden. 

 

Hoe leer ik de 29 polsen?

Er zijn twee problemen voor een student of therapeut die de 29 polsen wil leren. Het 1e probleem is de "vertaling" van de pols. Veel polsen hebben verschillende vertalingen; de xi-pols wordt bijvoorbeeld op verschillende manieren vertaald als fijn of dun terwijl het dezelfde pols is.

 

Wu li, dat letterlijk ‘zonder kracht’ betekent, vaak vertaald als zwak. Dit is een natuurlijke vertaling naar het Nederlands. De Ruo-pols, die wordt omschreven als diep en krachteloos (Maciocia), of diep, fijn en krachteloos (Flaws), meestal ook als zwak wordt vertaald. Je ziet dus dat hier ook het woord ‘fijn‘ terugkomt.

 

Dit probleem wordt verergerd door een aantal complicaties in de Chinese benamingen. De lege en volle polsen (xu en shi) hebben bijvoorbeeld beide twee betekenissen in het Chinees, een algemene betekenis en een specifieke betekenis.  Een lege pols in zijn specifieke betekenis betekent een pols die oppervlakkig, groot/breed en krachteloos is (Wiseman), terwijl het in zijn algemene zin elke vorm van een krachteloze pols betekent .

Een volle pols in zijn specifieke betekenis is een pols die lang, groot/ breed en krachtig is (Flaws ), terwijl het in zijn algemene zin elke vorm van krachtige pols betekent.

Bij het polsen is het het beste om de specifieke betekenis te gebruiken.

 

Verder heeft de pols die fijn, krachteloos en  oppervlakkig is twee namen in het Chinees: Ru Mai (soggy/vochtig/dampig) en Ruan (zacht). Dit komt doordat de zachte polsslag wordt beschreven als oppervlakkig en fijn. Wordt gevoeld bij lichte druk maar verdwijnt geleidelijk bij sterkere druk. Als watten in water.

Daarom benadrukt Flaws dat de woorden doorweekt en zacht beide verwijzen naar dezelfde specifieke pols. Maar in de Mai Jing kan een zachte pols duidelijk ook diep zijn, zoals bijvoorbeeld in de beschrijving van de normale Nierpols als diep, zacht en zwak .

 

Het tweede probleem waarmee je te maken krijgt als je de 29 polsen onder de knie wilt krijgen, heeft te maken met het onder woorden brengen van wat jij voelt in de pols. Studenten moeten niet alleen theoretisch weten dat een xi-pols aanvoelt als een fijne draad, ze moeten ook door een ervaren therapeut geholpen worden of hetgeen ze voelen correct is. Op die manier kunnen je als student met vertrouwen een specifiek gevoel koppelen aan een specifiek polsslagbeeld.



Het driestaps-systeem om je 29 polsen te leren

Het 3 stappen systeem is een systematische manier om erachter te komen om welk polsbeeld het gaat. 

Als je met de 29 polsen werkt, wordt het duidelijk dat er niet echt 29 verschillende polstypes zijn. Een behoorlijk aantal polsen zijn namen die worden gegeven aan een specifieke combinatie van andere polsen. Het bovenstaande voorbeeld van de Ruo-Mai is hiervan een goed voorbeeld. Deze pols wordt gedefinieerd als diep (chen), fijn (xi), smal, zonder kracht. Alleen voelbaar bij druk.

Er is een aantal (enkelvoudige) polsen die op deze manier worden gebruikt als een soort bouwstenen voor complexere polsbeelden. In het drietrapsysteem worden dergelijke ‘bouwsteen’polsen behandeld in stap één en twee. Stap drie beschrijft verdere manieren waarop deze polsen kunnen worden gecombineerd . Deze combinaties geven dan nog een aantal extra oppervlakkige en diepe polsbeelden .

 

Het 3 stappen systeem heeft de volgende twee doelen: Ten eerste gaat het om een ​​duidelijke differentiatie van de individuele pols beelden en hun specifieke kenmerken.

 

Ten tweede zijn via deze methode de polsen makkelijker aan te leren: de basisprincipes van de polsen zijn onmiddellijk bruikbaar en de complexiteit langzaam aan wordt opgebouwd. 

De drie stappen zijn:

  • Stap één: de vier basisprincipes [snelheid, regelmaat, diepte, kracht]

  • Stap twee: de drie kwaliteitstypen [lengte, breedte, stroming (flow)). Deze drie bepalen de kwaliteit van de pols

  • Stap drie: de gecombineerde diepe en oppervlakkige polsen [combineert diepte, kracht, breedte en kwaliteit].


Stap één: de vier basisprincipes

Stap één van het driestappen-systeem in het voelen van de pols zijn de vier basisprincipes. De vier basisprincipes zijn:

  • snelheid

  • regelmaat

  • diepte

  • kracht. 

 

Diepte en kracht sluiten aan bij twee van de parameters van de gezonde pols: de pols moet wortel en Geest/spirit (Shen) hebben. Het hebben van wortel betekent dat de chi positie (Nier positie) niet oppervlakkig is, d.w.z. tot op het diepe niveau voelbaar is, terwijl het hebben van Geest/spirit betekent dat de pols voldoende kracht heeft.


 

Het principe van de vier basisprincipes is dat elk principe onafhankelijk is van de andere. Zo heeft een pols altijd een snelheid, een regelmaat, een diepte en een kracht. Deze kunnen op elke manier gecombineerd worden. Het is bijvoorbeeld vrij gebruikelijk dat een polsslag diep en krachteloos is, maar het is evengoed mogelijk dat deze diep en krachtig is. Een krachtige pols kan een normale diepte hebben, maar hij kan ook oppervlakkig zijn. De bedoeling van de vier basisprincipes is om jezelf af te vragen hoe de polsslag in elk van deze vier opzichten is.

 

Snelheid

Snelheid is de minst subjectieve parameter, aangezien deze met de klok/stopwatch kan worden gemeten. Een interessante pols, en degene die vaak wordt vergeten, is de Huan Mai, de gematigde of ontspannen pols. Dit is een pols die rond de 60 slagen / minuut klopt en als zodanig enigszins traag is. Het kan een indicator zijn van een normale polsslag of van stagnatie en tekort aan Qi, mogelijk afkomstig van Qi xu van het Hart, aangezien het Hart niet de kracht heeft om zo snel te kloppen als het zou kunnen als het Hart in balans is. In het laatste geval duidt het op het feit dat het Hart het Bloed niet reguleert in combinatie met Milt Qi xu (leegte) en Damp, waarbij Damp de pols stroom belemmert.


Regelmaat

De belangrijkste verwarring met regelmaat is dat de Se Mai (schokkerige  ruwe / aarzelende) pols niet als onregelmatig wordt gedefinieerd binnen de 29 polsen. De lichte vertraging en versnelling van deze pols wordt gezien als een aarzeling van de stroom en is daarom een ​​kwaliteit (vloeiend of niet vloeiend)

 (zie stap twee: drie kwaliteitstypen). Onregelmatige polsen slaan in feite slagen over, dus van de langzame onregelmatige polsen slaat de Jie Mai (geknoopte / gebonden) hartslag zelden over, met onregelmatige tussenpozen, wat wijst op stagnatie (van Bloed, Qi of vloeistoffen) met een tekort. De Dai Mai (intermitterende pols) slaat vaker over, met regelmatige tussenpozen en meestal langer dan een slag, duidt  op een verzwakte Zang Fu-Qi, extreme pijn, schrik, Qi-en Xue  Xu

 maar volgens sommige teksten  duidt deze pols op een ernstige hartziekte of een dreigend overlijden.

  De Cu-Mai pols (overslaan / haastig) slaat slagen over met onregelmatige tussenpozen, maar is ook extreem snel en wordt snel, onregelmatig-onregelmatig  duidt op volle Hitte met Qi en Xue stagnatie, Phlegm- of Voedselaccumulatie, of Qi leegte van de Yinne organen


Diepte

Diepte is een parameter die zorgvuldig moet worden omschreven. Een diepe (chen) pols wordt gedefinieerd als een pols die niet kan worden gevoeld totdat de pols op tweederde van de weg tot op het bot wordt ingedrukt. Een oppervlakkige (fu) puls wordt omschreven als een pols die met name aan het oppervlak kan worden gevoeld, maar die verdwijnt of minder krachtig wordt naarmate de palperende vinger naar het bot drukt. Opgemerkt moet worden dat het normaal is dat de cun-posities iets oppervlakkig zijn, aangezien het de polsen in het bovenlichaam zijn . Daarnaast is het normaal dat de chi-posities enigszins diep zijn.

 

Een oppervlakkige pols is een pols die oppervlakkig en krachtig is; de typische polsslag die bij een invasie van buitenaf (EPF) voorkomt. In dit geval kan de polsslag heel gemakkelijk aan het oppervlak worden gevoeld met slechts een lichte druk, en het kan zijn dat deze niet helemaal verdwijnt als deze wordt ingedrukt, hoewel de pols normaal gesproken duidelijk minder krachtig zal worden. Deze vermindering van de kracht op de druk van de oppervlakkige pols wordt duidelijk uitgedrukt in de Mai Jing (Pulse Classic): 'De oppervlakkige pols is een pols die krachtig is als hij wordt gevoeld zonder dat er druk wordt uitgeoefend, maar minder krachtig als hij wordt gevoeld met lichte druk.' 

 

Bij het voelen van een oppervlakkige pols is het belangrijk om elke polspositie (cun, guan en chi) apart te voelen door de andere vingers op te tillen. Dit komt omdat wanneer een pols oppervlakkig is, de palpatie druk ervoor kan zorgen dat deze van onder de vingertop naar de zijkanten van de vinger verschuift. Dit type ‘wegdrijven’ is typerend voor de lente-ui-stengel / holle (kou mai) pols: ‘De lente-ui-stengel-pols is een oppervlakkige pols, groot maar zacht. Het is leeg in het midden/centrum maar stevig aan de zijkanten wanneer er druk op wordt uitgeoefend. 

 

Door de andere vingers op te tillen, kunnen we ons concentreren op het topje van een vinger en zien of deze positie verschuiving optreedt. Als de andere vingers niet worden opgetild, kan deze verschuiving gemakkelijk worden gemist. Een diepe pols kan vaak worden gevoeld bij het palperen van de hele pols met alle drie de vingers, hoewel het ook gemakkelijker wordt opgemerkt wanneer de individuele posities afzonderlijk worden gevoeld.

 

Er zijn vier soorten diepe en zeven soorten oppervlakkige polsen, en het zijn deze polsen die de gecombineerde diepe en oppervlakkige polsen vormen die in stap drie zijn gedefinieerd. In stap één is het voldoende om een ​​algemene diagnose diep of oppervlakkig te stellen en verdere differentiaties voor later te laten.


 

Kracht

Kracht is misschien wel het meest subjectieve aspect van de vier basisprincipes. Hoewel objectief kan worden gezegd dat een pols een bepaalde snelheid, regelmaat en diepte heeft, is een gevoel van wat krachtig en wat krachteloos is, afhankelijk van het ervaren, en het is onmogelijk om dat in woorden te omschrijven. Kracht is ook een van de pols parameters die relatief is. De kracht van de pols die normaal en gezond is voor een patiënt kan variëren afhankelijk van het lichaamstype en het gewicht, dus een kleine vrouw kan een polsslag hebben met een normale kracht, maar als diezelfde polsslag wordt gevoeld bij een sterke jonge man, kan de diagnose krachteloos/zwak zijn. Het kan ook de constitutie van de patiënt weerspiegelen, dus een persoon kan een over het algemeen krachteloze polsslag hebben die voor hem gezond is. Als de behandelaar hiermee werkt, kan hij een verandering in de kracht diagnosticeren die op een pathologie of verbetering  van de pathologie kan duiden.

 

Zoals hierboven aangegeven, is kracht lastig te omschrijven, en ik zou aanraden om de termen krachteloos (wu li), zwak (ruo) en leeg (xu) zeer zorgvuldig te gebruiken in hun specifieke betekenissen:

  • krachteloos: elke pols zonder kracht

  • zwak: een gecombineerde pols die diep, fijn en krachteloos is (zie stap drie)

  • leeg: een gecombineerde pols die oppervlakkig, groot / breed en krachteloos is (zie stap drie).

1.jpg
2.jpg
 

Stap twee: de drie kwaliteiten

De drie kwaliteiten zijn:

  • lengte

  • breedte 

  • stroming(vloeiend of niet vloeiend). 

 

Deze drie parameters van lengte, breedte en stroming kunnen goed worden gebruikt om de belangrijkste pols kwaliteiten glad/slippery (Hua), schokkerig/choppy of rough (Se), strak/tight (Jin), draadachtig / boogpees (Xian), fijn / dun / draadachtig (Xi) en flauw / faint (Wei), en ook om de volle (Shi) en de opgewonden’ als een rollend boontje’ / stirring of throbbing (Dong) polsen te begrijpen.

 

Zo zijn deze drie kwaliteiten, in tegenstelling tot de vier basisprincipes van stap 1, niet allemaal eenvoudige paren: breedte is een relatieve schaal die loopt van zeer breed tot zeer smal. Een individuele polskwaliteit kan  kenmerken  hebben van alle drie de kwaliteitstypen, d.w.z. het zal een stroming, een breedte en een lengte hebben, deze pols kan primair worden gedefinieerd door een van deze kwaliteitstypen boven de andere te stellen; deze kwaliteit is het meest typerend aanwezig. Doordat  huidige acupunctuurscholen hier verschillende opvattingen over hebben zijn er ook verschillende indelingen  te vinden.

 

Hoewel de glijdende (Hua) pols bijvoorbeeld wordt omschreven als breed / groot , is het meest belangrijke dat deze pols een vloeiende stroom/een flow heeft. Een fijne / dunne / draderige (Xi) pols heeft misschien weinig voelbare flow vanwege zijn fijnheid en omdat hij niet glad is, maar het echte onderscheidende kenmerk is zijn smalheid. Een schokkerige (Se) pols wordt gedefinieerd door zijn flow, of liever zijn gebrek aan flow, ook al wordt hij ook als fijn gedefinieerd in termen van breedte. Zo zie dat de kwaliteiten door elkaar heen kunnen lopen.


Lengte

Lengte is  het eenvoudigste kwaliteitstype om te onderscheiden. Bij lengte wordt de pols in een distaal-proximale richting omschreven (zoals je de vingers naast elkaar zet bij het pols voelen).

De lange pols heeft twee definities:

  1. Ten eerste kan een pols in het algemeen lang zijn. Dit betekent dat de hele pols proximaal van de Chi(Nier) positie kan worden gevoeld.(dus deze pols kan gevoeld worden naast de Chi positie, een soort 4e positie) In dit geval is het waarschijnlijk dat alle drie de posities duidelijk zullen worden gevoeld als onderdeel van een lange samengevoegde lijn, en dat deze lijn zich proximaal en mogelijk ook distaal verder uitstrekt dan normaal.

  2. Een individuele polspositie kan echter ook lang zijn. Dit betekent dat bij het voelen van een individuele positie met één vinger, de polsslag zich distaal en proximaal een klein beetje voorbij de palperende vinger lijkt uit te strekken. Dit wordt meestal aangetroffen op de Leverpols als een indicatie van Lever Qi stagnatie. Het is ook mogelijk dat twee posities lang zijn en het gevoel hebben dat ze met elkaar verbonden zijn, maar zonder dat de lengte zich uitstrekt tot de derde. Dit type voel je met name  op de Guan- en Chi-posities op de linkerpols.

 

In termen van polskwaliteiten, wordt de draad / boogpees (Xian) pols normaal omschreven als lang, evenals de Shi (volle) pols die ook wordt onschreven als krachtig, als een draad en breed. Hoe kan een pols breed zijn en als een draad voelen?

Flaws (1995) lost de tegenstelling tussen draad en breed op door deze pols hard/gespannen te noemen, en definieert deze hardheid als een brede pols met een strakheid die lijkt op een draadachtige pols.

 

Op dezelfde manier heeft de korte pols twee beschrijvingen.  Dit betekent  dat de pols niet zo ver boven de Cun-positie wordt gevoeld. Als er geen Cun-positie wordt gevoeld, moet erop worden gelet dat  een anatomisch afwijkende pols wordt gecontroleerd, aangezien het mogelijk kan zijn om de Cun-positie aan de radiale zijde van de arm te voelen. In de tweede beschrijving wordt deze pols  beschreven als een pols die alleen wordt gevoeld op de Guan positie.

 

De Dong Mai (opgewonden / draaiende boon) is een voorbeeld van een buitengewoon korte pols en wordt in de Mai Jing beschreven als: ‘alleen gevoeld in de Guan-positie’, zonder uiteinden in de bovenste of onderste positie, dwz geen Cun of Chi positie is te voelen. Deze pols is zowel snel, krachtig en glad als kort,  en duidt op een ernstige emotionele schok (Maciocia ). Qin Bo-wei beschrijft dat deze pols geen kop of staart heeft.

 Maciocia interpreteert dit idee van geen kop of staart anders en omschrijft de korte pols als het niet vullen van een positie, en wordt vaker gevoeld in de Cun en Guan dan in de Chi-positie.

 

Breedte

Breedte omschrijft de pols in dwarse richting. Breedte van gaat van breed / groot naar zeer smal. Groot of breed komt terug bij de benoeming van enkele van de gecombineerde oppervlakkige en diepe polsen. Hoewel de gladde / rollende (Hua Mai) pols voornamelijk wordt bepaald door zijn soepele stroming, wordt deze pols ook omschreven als breed.

De vier polsen die met name worden bepaald door hun breedte zijn  de strakke pols (Jin Mai), draadachtige / boogpees (Xian Mai), fijn / dun / draadachtig (Xi Mai) en de zwakke pols  (Wei Mai). Van de bovenstaande polsen is de Jin-pols het breedst, de Xian-pols is iets smaller, de Xi-pols is smal en de Wei-pols is zo smal dat hij nauwelijks voelbaar is. Deze polsen worden ook steeds minder krachtig/sterk naarmate ze smaller worden. 


 

Stroming (vloeiend of niet vloeiend)

De pols met  een goede doorstroming is de gladde / rollende/slippery (Hua) pols. Deze pols heeft twee omschrijvingen:

  1.  Ten eerste is het de gezonde pols: een gezonde pols heeft wortel, d.w.z. een soepele stroom, en in dit geval heeft een gladde pols een mooie stroom en een mooie breedte.

  2. Maar in sommige omstandigheden kan deze pols ook pathologie betekenen bijvoorbeeld bij interne Damp

 

.De ruwe/schokkerige (Se Mai ) pols heeft een onregelmatigheid in de stroom die als scherp of ruw wordt omschreven. Soms versnelt de pols en soms gaat de pols langzamer (wordt ook wel de drie en vijf-pols genoemd: dan weer 3 dan weer 5 slagen per tijdseenheid). De pols kan ook onregelmatig zijn in termen van kracht, waarbij sommige slagen harder op de vinger slaan dan andere.

Er zijn een aantal leuke omschrijvingen voor deze pols. De meest gebruikte is dat deze pols een beetje krassend en ruw is, zoals een mes dat bamboe schraapt. Een andere beschrijving, uit de Bin Hu Mai Xue is die van een zieke zijderups. Blijkbaar laat een zieke zijderups een onregelmatig patroon achter rond de rand van een blad dat hij eet, terwijl een gezonde rups een gladde rand achterlaat.

 

Samenvattend zijn er zes hoofd pols kwaliteiten die worden gedefinieerd door de drie kwaliteits typen lengte breedte en stroming:

  1. glad (Hua ),

  2. schokkerig (Se )

  3. strak (Jin )

  4. draadachtig (Xian )

  5.  fijn (Xi )

  6. zwak (Wei )

Elke van de bovenstaande  kwaliteiten heeft specifieke kenmerken:

  • lang of kort

  • breed of smal

  • vloeiend of niet vloeiend (stroming)

maar zal voornamelijk worden beschreven door breedte of stroming(vloeiend of niet vloeiend). Bovendien heeft elke kwaliteit een bepaalde associatie met kracht. Twee andere kwaliteiten worden bepaald door hun lengte en kwaliteit. De volle (Shi ) pols  is hard, vol, groot en lang , terwijl de draaiende boon / opgewonden (Dong ) pols kort, glad, krachtig en snel is.

1.jpg
2.jpg

Stap drie: het combineren van oppervlakkige en diepe polsen

De gecombineerde polsen kent twee soorten polsen:

  1.  diepe pols combinaties

  2. oppervlakkige pols combinaties

Er zijn vier diepe pols  combinaties  en zeven combinaties die oppervlakkig zijn. Deze polsen zijn samengesteld uit een combinatie van de vier basisprincipes uit stap 1:

  • snelheid

  • regelmaat

  • diepte

  • kracht.

met de drie kwaliteits typen uit stap 2:

De drie kwaliteiten zijn:

  • lengte

  • breedte 

  • stroming(vloeiend of niet vloeiend).

 Specifieke polsen ontstaan ​​door de combinatie van een bepaalde diepte met een bepaalde kracht en een bepaalde breedte. Soms worden verschillende namen gegeven aan polsen die eigenlijk hetzelfde zijn, maar verschillen in kracht.


Diepe gecombineerde polsen

De eerste differentiatie voor een diepe pols is of deze krachtig of krachteloos is. Als de pols krachtig en diep is, is het  de diepe Chen pols. Is de pols ook lang en hard, diep en gefixeerd dan spreken we van een  Lao Mai, de opgesloten / stevige / pols. Deze pols zou aanvoelen alsof hij vast zit aan het bot: hard, diep, gefixeerd, groot, als een koord, lang en vol. Alleen duidelijk voelbaar met flinke druk.

De  diepe polsen zonder kracht kunnen worden gedifferentieerd naar breedte. Als de pols diep en zonder kracht, fijn en smal  is, is het de Ruo Mai,. Alleen voelbaar bij druk!

.Als de pols  krachtig is, heel diep en heel fijn is, wordt het de verborgen pols (Fu Mai/hidden pulse) genoemd.

 

Er zijn geen andere specifieke polsbeelden voor diepe polsen, dus als de pols bijvoorbeeld diep en Hua is, moeten beide woorden moeten worden gebruikt. 

 

Oppervlakkige pols combinaties

Bij het differentiëren van de zeven oppervlakkige polsen is het eerste onderscheid wederom tussen krachtig en krachteloos, en het tweede onderscheid tussen breed en smal.

De pols die oppervlakkig, krachtig en van normale breedte is, is de oppervlakkige pols.

Er zijn twee oppervlakkige, krachtige en brede polsen.

  1.  de drumskin, de Ge Mai. De Mai Jing verwijst naar deze pols als een draadachtige pols; een combinatie van de draadachtige (Xian ) met de lente-ui-stengel (Kou ) pols. 

 

De andere brede oppervlakkige krachtige pols is de Hong Mai, de overvloeiende pols.die duidt op uitbundige warmte waardoor de pols overloopt. Uitbundige hitte kan ook het Yin beschadigen.

De Hong Mai is erg groot, vol, overvloedig, komt met kracht en gaat met veel minder kracht (als een golf)

 

Bij de krachteloze oppervlakkige polsen is ook de breedte een belangrijke kenmerk. Als de pols krachteloos en oppervlakkig, is het de pols met twee namen, ofwel Ru Mai of Ruan Mai: extreem zacht, oppervlakkig en fijn. Wordt gevoeld bij lichte druk maar verdwijnt geleidelijk bij sterkere druk. Als watten in water

 

Als de pols een normale breedte heeft, zijn er drie niveaus   voor een oppervlakkige en krachteloze pols, die elk hun eigen naam hebben. Deze niveaus geven de ernst aan.

  • De minst ernstige is de Xu Mai, de lege pols , die diep minder krachtig is dan oppervlakkig, maar vaak niet volledig verdwijnt onder druk.

  • De Kou Mai lente-ui stengel / holle pols verdwijnt duidelijk als de palperende vinger naar beneden drukt en naar de zijkant beweegt,  als een stuk hout dat op het water drijft. De Mai Jing (Yang 1997: 3) beschrijft deze pols als leeg in het midden maar stevig aan de zijkanten, of afwezig direct onder de vingers maar aanwezig aan de zijkanten.

  • De San Mai, oppervlakkig, groot, verspreid, maar zonder wortel , leegte van Qi, Xue, Yuan Qi, uitgeputte ZangFu-Qi. Diepe uitputting! de minste aanraking  zal de pols doen verdwijnen.

  • Ten slotte is het de moeite waard om een ​​korte vergelijking te maken van de drie polsen die zo extreem krachteloos kunnen zijn dat ze moeilijk te palperen zijn. Het verschil betreft de diepte.

    • De San Mai, de verspreide pols is erg krachtig en zo oppervlakkig dat hij bij de minste druk verdwijnt

    • De  verborgen pols is zo krachtig, zo fijn en zo diep dat hij nauwelijks voelbaar is.

    • De Wei Mai, zwakke / faint pols zo extreem is fijn en krachteloos dat, hoewel de pols op alle diepten kan worden gepalpeerd, de pols gemakkelijk lijkt te verdwijnen. Extreem fijn en zacht. Soms voelbaar, soms niet, als spinrag

 

Gevolgtrekking

Hoewel het  moeilijk kan zijn om de 29 polsen van de Chinese geneeskunde te begrijpen, als we de polsen op een systematische manier leren, het stap voor stap opbouwen, is het niet zo ingewikkeld als het op het eerste gezicht lijkt.

het 3 stappen systeem biedt jou een raamwerk waarmee je kan voorkomen dat je onzeker wordt met het pols nemen.

 

In de praktijk blijkt dat we vaak geneigd zijn stap 1 over te slaan:

  • snelheid

  • regelmaat

  • diepte

  • kracht.

en direct met de drie kwaliteits typen uit stap 2 te starten:

  • lengte

  • breedte 

  • stroming(vloeiend of niet vloeiend).

De tip is dit niet te doen!