De pols

Het nemen van de pols is een subjectieve aangelegenheid. Bij het bepalen van de pols moet de therapeut/student kennis hebben van Qi, Bloed en de Zang Fu organen. Qi en Bloed vullen de pols. Qi is meer Yang en zorgt voor de beweging, de kracht van de pols. Bloed is meer Yin en vormt de substantie welke de pols vult.

Relatie tussen de Zang Fu en de pols:

  • Het Hart beheerst het Bloed en controleert de bloedvaten

  • De Long controleert de bloedvaten  en beheerst het Qi

  • De Milt en Maag maken Qi en  Bloed door zijn transporterende en transformerende werking

  • De Lever slaat het Bloed op en geeft het vrij en zorgt voor de vrije circulatie van Qi

  • De Nieren slaan het Jing op en vormt zo de basis voor al het Yin en Yang in het lichaam. Jing kan omgezet worden in Bloed.

De pols helpt de therapeut:

  • bij het begrijpen van de ziekte en het ontstaan van de ziekte

  • bij het vaststellen van een prognose van de ziekte

De eerste positie staat voor de Bovente Warmer, de tweede voor de Middelste Warmer, en de derde positie staat voor de Onderste Warmer:

  • Linker pols (Bloedpols)

  1. Cun positie/pols spleet: Hart (Bovenste Warmer)

  2. Guan positie/ter hoogte van  processus styloïdeus: Lever en Galblaas (Middelste Warmer)

  3. Chi positie/proximaal van de Guan positie:Nier Yang (Onderste Warmer)

  • Rechterpols (Qi pols)

  1. Cun positie: Long  (Bovenste Warmer)

  2. Guan positie: Milt en Maag (Middelste Warmer)

  3. Chi positie:Nier Yin en Blaas (Onderste Warmer)

De organen die horen bij de derde positie worden betwist in de verschillende werken over de Chinese Geneeskunde.

Bij het nemen van de pols kennen we drie levels (dieptes):

  • oppervlakkige level, geeft de staat aan van Qi en Yang

  • midden positie/level, geeft de staat aan van het Bloed

  • diepe positie/level, geeft de staat aan van het Bloed

Andere bronnen beschrijven:

  • oppervlakkige level geeft de staat aan van het externe of Bovenste Warmer

  • midden positie/level geeft Maag en Milt disbalans aan

  • diepe positie/level geeft interne ziektes aan met name Lever en Nier

De pols geeft  informatie over de Yin- en Yang-organen. Het is moeilijker om de Yang-organen op individuele posities te beoordelen. Bij polsdiagnose zijn de belangrijkste dingen om te beoordelen:

  • gezondheid van de Qi in het algemeen

  • relatie van Yin en Yang in de pols

  • of er een teveel of een tekort is

  • of er een externe ziekteverwekker (EPF) aanwezig is

Elke polspositie kan verschillende verschijnselen in verschillende situaties weerspiegelen. Bijvoorbeeld: een volle Long pols kan optreden als gevolg van:

  • een emotioneel probleem (verdriet) in de Longen

  • door slijm in de Longen

  • door een exces in de Dikke Darm, zoals een tandabces.

 

De uitdaging van polsdiagnose.

Ik ging kruiden studeren en dacht dat we alle polsen weer gingen herhalen. Ik was verbaasd dat we slechts de basisprincipes beoefenden. Een algemene indruk van de pols was genoeg. Ik was verbaasd maar vond het ook erg prettig en veel begrijpelijker om met deze basispolsen te werken. En ik kon er veel meer mee. Daarom voor jullie een methode om het polsen te leren. de methode bestaat uit 3 stappen en we beginnen met stap 1: de vier basisprincipes

Stap 1:de vier basisprincipes

Conclusies trekken op basis van wat je voelt met de pols kan erg lastig zijn. Laat je een andere therapeut dezelfde pols voelen dan voelt hij waarschijnlijk andere dingen dan jij.  Er ontstaat verwarring en je denkt wellicht dat pols voelen niet aan jou besteed is. Het diagnosticeren via de pols is echter een belangrijk item in de diagnose en het zou jammer zijn als je deze manier van diagnosticeren aan je voorbij zou laten gaan. Het nemen van de pols is vaak een kans om fysiek contact te maken met onze patiënten, en uit de pols  kan vaak een ander inzicht ontstaan in de toestand van de patiënt. Samen met de tong vormt de pols een mooi medium om te ‘kijken’ of het overeenkomt met je andere diagnose methoden .

 

Persoonlijke interpretaties van de pols kunnen een grote klinische waarde hebben. Je vraagt je misschien af : Waarom alle namen leren van de pols? Ik kan toch de pols voelen en intuïtief mijn conclusies trekken?

Afgaan op je intuïtie kan goed voelen maar mis je dan niet een hele mooie tool om te diagnosticeren? En als je wilt overleggen met je collega’s?

Wellicht kan het gebruiken van het driestappen systeem jou op weg helpen meer vertrouwen in de pols te krijgen.

Het leren van de pols gaat makkelijker als je de namen en de bijbehorende kenmerken van de pols herkent. Doe je dit niet dan kan dat leiden tot onzekerheid bij het polsen .

 

We zijn veel meer geoefend in het kijken dan het voelen. Door echter te oefenen in het voelen kunnen we het pols voelen ons goed eigen maken.

Als beoefenaars van de Chinese geneeskunde hebben we de beschikking over de 29  polsen waarover in grote mate overeenstemming heerst (overeenstemming tussen de verschillende opleidingen). Het bestuderen van deze 29 polsen geeft meer inzicht in het nemen van de pols. Ze leggen de basisparameters van snelheid, regelmaat, diepte, kracht en kwaliteit vast.

 

De 29 polsen geven veel voorkomende polsbeelden weer die we in de praktijk kunnen tegenkomen. Soms zullen we iets voelen wat niet onder te brengen is onder de 29 polsen maar dan geven de 29 polsen ons een kader waarin we de gevoelde pols kunnen plaatsen.

 

De 29 polsen geven ons op zichzelf staande polsbeelden maar dus ook een soort  bouwstenen voor complexere polsbeelden. Het leren van deze polsen geeft ons een solide basis voor een gemeenschappelijk ‘polsslagvocabulaire’ en een context voor nieuwe interpretaties van de polsslag. 

 

Hoe leer ik de 29 polsen?

Er zijn twee problemen voor een student of beoefenaar die de 29 polsen wil leren. Het 1e probleem is de vertaling van de pols. Veel polsen hebben verschillende vertalingen; de xi-pols wordt bijvoorbeeld op verschillende manieren vertaald als fijn of dun terwijl het dezelfde pols is.

 

Wu li, dat letterlijk ‘zonder kracht’ betekent, vaak vertaald als zwak. Dit is een natuurlijke vertaling naar het Nederlands. De Ruo-puls, die wordt omschreven als diep en krachteloos (Maciocia), of diep, fijn en krachteloos (Flaws), meestal ook als zwak wordt vertaald. Je ziet dus dat hier ook het woord ‘fijn‘ terugkomt.

 

Dit probleem wordt verergerd door een aantal complicaties in de Chinese benamingen. De lege en volle polsen (xu en shi) hebben bijvoorbeeld beide twee betekenissen in het Chinees, een algemene betekenis en een specifieke betekenis.  Een lege pols in zijn specifieke betekenis betekent een pols die oppervlakkig, groot/breed en krachteloos is (Wiseman), terwijl het in zijn algemene zin elke vorm van een krachteloze pols betekent .

Een volle pols in zijn specifieke betekenis is een pols die lang, groot/ breed en krachtig is (Flaws ), terwijl het in zijn algemene zin elke vorm van krachtige pols betekent.

Bij het polsen is het het beste om de specifieke betekenis te gebruiken.

 

Verder heeft de pols die fijn, krachteloos en  oppervlakkig is twee namen in het Chinees: Ru Mai (soggy/vochtig/dampig) en Ruan (zacht). Dit komt doordat de zachte polsslag wordt beschreven als oppervlakkig en fijn. Wordt gevoeld bij lichte druk maar verdwijnt geleidelijk bij sterkere druk. Als watten in water.

Daarom benadrukt Flaws dat de woorden doorweekt en zacht beide verwijzen naar dezelfde specifieke pols. Maar in de Mai Jing kan een zachte pols duidelijk ook diep zijn, zoals bijvoorbeeld in de beschrijving van de normale Nierpols als diep, zacht en zwak .

 

Het tweede probleem waarmee een leerling die de 29 polsen onder de knie wil krijgen, heeft te maken met het verbinden van een specifiek woord met een praktisch gevoelde pols sensatie (hetgeen jij voelt). Studenten moeten niet alleen theoretisch weten dat een xi-pols aanvoelt als een fijne draad, ze moeten ook door een ervaren therapeut geholpen worden of hetgeen ze voelen correct is. Op die manier kunnen je als student met vertrouwen een specifiek gevoel koppelen aan een specifiek polsslagbeeld.



 

Het driestaps-systeem om je 29 polsen te leren

Het 3 stappen systeem is een systematische manier om erachter te komen om welk polsbeeld het gaat. 

Als je met de 29 polsen werkt, wordt het duidelijk dat er niet echt 29 verschillende polstypes zijn. Een behoorlijk aantal polsen zijn namen die worden gegeven aan een specifieke combinatie van andere polsen. Het bovenstaande voorbeeld van de Ruo-Mai is hiervan een goed voorbeeld. Deze pols wordt gedefinieerd als diep(chen), fijn(xi), smal, zonder kracht. Alleen voelbaar bij druk.

 er is een aantal (enkelvoudige) polsen die op deze manier worden gebruikt als een soort bouwstenen voor complexere polsbeelden. In het drietrapsysteem worden dergelijke ‘bouwsteen’polsen behandeld in stap één en twee. Stap drie beschrijft verdere manieren waarop deze polsen kunnen worden gecombineerd . Deze combinaties geven dan nog een aantal extra oppervlakkige en diepe polsbeelden .

 

Het 3 stappen systeem beoogt twee dingen te doen. Ten eerste gaat het om een ​​duidelijke differentiatie van de individuele pols beelden en hun specifieke kenmerken.

 

Ten tweede zijn via deze methode de polsen makkelijker aan te leren: de basisprincipes van de polsen zijn onmiddellijk bruikbaar en de complexiteit langzaam aan wordt opgebouwd. 

De drie stappen zijn:

  • Stap één: de vier basisprincipes [snelheid, regelmaat, diepte, kracht]

  • Stap twee: de drie kwaliteitstypen [lengte, breedte, stroming(flow)). Deze drie bepalen de kwaliteit van de pols

  • Stap drie: de gecombineerde diepe en oppervlakkige polsen [combineert diepte, kracht, breedte en kwaliteit].


Stap één: de vier basisprincipes

Stap één van het driestappen-systeem in het voelen van de pols zijn de vier basisprincipes. De vier basisprincipes zijn:

  • snelheid

  • regelmaat

  • diepte

  • kracht. 

 

Diepte en kracht sluiten aan bij twee van de parameters van de gezonde pols: de pols moet wortel en Geest/spirit (Shen) hebben. Het hebben van wortel betekent dat de chi positie (Nier positie) niet oppervlakkig is, d.w.z. tot op het diepe niveau voelbaar is, terwijl het hebben van Geest/spirit betekent dat de pols voldoende kracht heeft.


 

Het principe van de vier basisprincipes is dat elk principe onafhankelijk is van de andere. Zo heeft een pols altijd een snelheid, een regelmaat, een diepte en een kracht. Deze kunnen op elke manier gecombineerd worden. Het is bijvoorbeeld vrij gebruikelijk dat een polsslag diep en krachteloos is, maar het is evengoed mogelijk dat deze diep en krachtig is. Een krachtige pols kan een normale diepte hebben, maar hij kan ook oppervlakkig zijn. De bedoeling van de vier basisprincipes is om jezelf af te vragen hoe de polsslag in elk van deze vier opzichten is.

 

Snelheid

Snelheid is de minst subjectieve parameter, aangezien deze met de klok/stopwatch kan worden gemeten. Een interessante pols, en degene die vaak wordt vergeten, is de Huan mai, de gematigde of ontspannen pols. Dit is een pols die rond de 60 slagen / minuut klopt en als zodanig enigszins traag is. Het kan een indicator zijn van een normale polsslag of van stagnatie en tekort aan qi, mogelijk afkomstig van Qi xu van het Hart, aangezien het Hart niet de kracht heeft om zo snel te kloppen als het zou kunnen als het Hart in balans is. In het laatste geval duidt het op het feit dat het Hart het Bloed niet reguleert in combinatie met Milt qi xu en Damp, waarbij Damp de pols stroom belemmert.


Regelmaat

De belangrijkste verwarring met regelmaat is dat de Se Mai (schokkerige  ruwe / aarzelende) pols niet als onregelmatig wordt gedefinieerd binnen de 29 polsen. De lichte vertraging en versnelling van deze pols wordt gezien als een aarzeling van de stroom en is daarom een ​​kwaliteit

 (zie stap twee: drie kwaliteitstypen). Onregelmatige polsen slaan in feite slagen over, dus van de langzame onregelmatige polsen slaat de Jie Mai (geknoopte / gebonden) hartslag zelden over, met onregelmatige tussenpozen, wat wijst op stagnatie (van Bloed, Qi of vloeistoffen) met een tekort. De Dai Mai (intermitterende pols) slaat vaker over, met regelmatige tussenpozen en meestal langer dan een slag,duidt  op een verzwakteZàngfū-Qì,extremepijn,schrik,Qì-enXuè Xū

 maar volgens sommige teksten  duidt deze pols op een ernstige hartziekte of een dreigend overlijden.

  De Cu-Mai puls (overslaan / haastig) slaat slagen over met onregelmatige tussenpozen, maar is ook extreem snel en wordt Snel, onregelmatig-onregelmatig  duidt op volle Hitte met Qì en Xuè stagnatie, Phlegm- of Voedselaccumulatie, of Qì leegte van de Yinne organen


Diepte

Diepte is een parameter die zorgvuldig moet worden omschreven. Een diepe (chen) pols wordt gedefinieerd als een pols die niet kan worden gevoeld totdat de pols op tweederde van de weg tot op het bot wordt ingedrukt. Een oppervlakkige (fu) puls wordt omschreven als een pols die met name aan het oppervlak kan worden gevoeld, maar die verdwijnt of minder krachtig wordt naarmate de palperende vinger naar het bot drukt. Opgemerkt moet worden dat het normaal is dat de cun-posities iets oppervlakkig zijn, aangezien het de polsen in het bovenlichaam zijn . Daarnaast is het normaal dat de chi-posities enigszins diep zijn.

 

Een oppervlakkige pols is een pols die oppervlakkig en krachtig is; de typische polsslag die bij een invasie van buitenaf (EPF) voorkomt. In dit geval kan de polsslag heel gemakkelijk aan het oppervlak worden gevoeld met slechts een lichte druk, en het kan zijn dat deze niet helemaal verdwijnt als deze wordt ingedrukt, hoewel de pols normaal gesproken duidelijk minder krachtig zal worden. Deze vermindering van de kracht op de druk van de oppervlakkige pols wordt duidelijk uitgedrukt in de Mai Jing (Pulse Classic): 'De oppervlakkige pols is een pols die krachtig is als hij wordt gevoeld zonder dat er druk wordt uitgeoefend, maar minder krachtig als hij wordt gevoeld met lichte druk.' 

 

Bij het voelen van een oppervlakkige pols is het belangrijk om elke polspositie (cun, guan en chi) apart te voelen door de andere vingers op te tillen. Dit komt omdat wanneer een pols oppervlakkig is, de palpatie druk ervoor kan zorgen dat deze van onder de vingertop naar de zijkanten van de vinger verschuift. Dit type ‘wegdrijven’ is typerend voor de lente-ui-stengel / holle (kou mai) pols: ‘De lente-ui-stengel-pols is een oppervlakkige pols, groot maar zacht. Het is leeg in het midden/centrum maar stevig aan de zijkanten wanneer er druk op wordt uitgeoefend. 

 

Door de andere vingers op te tillen, kunnen we ons concentreren op het topje van een vinger en zien of deze positie verschuiving optreedt. Als de andere vingers niet worden opgetild, kan deze verschuiving gemakkelijk worden gemist. Een diepe pols kan vaak worden gevoeld bij het palperen van de hele pols met alle drie de vingers, hoewel het ook gemakkelijker wordt opgemerkt wanneer de individuele posities afzonderlijk worden gevoeld.

 

Er zijn vier soorten diepe en zeven soorten oppervlakkige polsen, en het zijn deze polsen die de gecombineerde diepe en oppervlakkige polsen vormen die in stap drie zijn gedefinieerd. In stap één is het voldoende om een ​​algemene diagnose diep of oppervlakkig te stellen en verdere differentiaties voor later te laten.


 

Kracht

Kracht is misschien wel het meest subjectieve aspect van de vier basisprincipes. Hoewel objectief kan worden gezegd dat een pols een bepaalde snelheid, regelmaat en diepte heeft, is een gevoel van wat krachtig en wat krachteloos is, afhankelijk van het ervaren, en het is onmogelijk om dat in woorden te omschrijven. Kracht is ook een van de pols parameters die relatief is. De kracht van de pols die normaal en gezond is voor een patiënt kan variëren afhankelijk van het lichaamstype en het gewicht, dus een kleine vrouw kan een polsslag hebben met een normale kracht, maar als diezelfde polsslag wordt gevoeld bij een sterke jonge man, kan de diagnose krachteloos/zwak zijn. Het kan ook de constitutie van de patiënt weerspiegelen, dus een persoon kan een over het algemeen krachteloze polsslag hebben die voor hem gezond is. Als de behandelaar hiermee werkt, kan hij een verandering in de kracht diagnosticeren die op een pathologie of verbetering  van de pathologie kan duiden.

 

Zoals hierboven aangegeven, is kracht lastig te omschrijven, en ik zou aanraden om de termen krachteloos (wu li), zwak (ruo) en leeg (xu) zeer zorgvuldig te gebruiken in hun specifieke betekenissen:

  • krachteloos: elke pols zonder kracht

  • zwak: een gecombineerde pols die diep, fijn en krachteloos is (zie stap drie)

  • leeg: een gecombineerde pols die oppervlakkig, groot / breed en krachteloos is (zie stap drie).

De 2e en 3e stap worden komende periode behandeld